Gedicht als onderdeel van het welkomstwoord van Bruisend Nijverdal 2019

Ik droom van een kerk en een wereld, 

waar de één de ander tot steun zal zijn, 

waar iedereen zal weten dat hij of zij nodig is 

om anderen te steunen.

 

Ik  droom van gemeenschappen 

waar plaats zal zijn voor iedereen, 

voor gezonden en zieken, voor sterken en zwakken, 

voor jongeren en ouderen 

en ook voor hen die niets zouden presteren, 

vermoeiden die het laten afweten, 

die niet zo leven, als wij ons dat voorstelden.

 

Ik droom van een kerk in Nederland, 

waar iedereen met een ander praat, 

waarin meningsverschillen openhartig worden bijgelegd, 

waar moedelozen een open gehoor vinden, 

waar bedroefden vertroosting 

en eenzamen vrienden mogen ontmoeten, 

waarin er niemand zal zijn  

voor wie geen begrip wordt opgebracht, 

waarin iedereen de vreugde mag ondervinden 

er helemaal bij te horen.

 

Ik droom van vieringen, 

waarin het Evangelie zo verkondigd wordt, 

dat het de mensen tot steun zal zijn in het leven, 

waarin mensen door de boodschap van Jezus zo bezield zijn, 

dat zij met anderen daarover gaan praten, 

waarin mensen in het Evangelie gaan geloven, 

omdat zij antwoord mogen vinden bij al hun vragen en problemen.

 

Ik droom van steden en dorpen, 

waarin de Godsdienstige vieringen 

een feestelijke belevenis vormen, 

waarin allen zich thuis voelden, 

waarin zij de kracht opdoen voor het leven van alledag, 

waarbij een waarachtige verbondenheid ontstaat, 

waarbij iedereen aan zijn of haar trekken komt en inbreng heeft.